Home » Erres

De merknaam “Erres” is afgeleid van de initialen van Rafaël Samuel Stokvis die in 1849 in Rotterdam de Technische Handelsmaatschappij R.S. Stokvis & Zonen oprichtte.
De activiteiten van de handelsmaatschappij waren zeer divers en liepen uiteen van smeermiddelen tot consumentenproducten als rijwielen en bromfietsen. Voor de afzet en service ontwikkelde Stokvis in de loop van de 20ste eeuw een landelijk net van vestigingen met magazijnen, met daarnaast een aantal regiokantoren. Het bedrijf (met het hoofdkantoor te Rotterdam) telde in de jaren ’50 twintig handelsafdelingen.

Stokvis verwierf ook grote belangen in vele industriële ondernemingen. Onder andere EMI, Indola, en ASW van het merk Fasto (= F(rederik)A(ndré) Sto(kvis) waren Stokvisbedrijven. De beroemde Solex werd gebouwd bij Van der Heem, ook een Stokvisbedrijf.

Daarnaast fabriceerden of importeerden ze diverse (brom)fietsmerken, zoals Amstel, RAP en Puch en ook fietsmerk Kroon. Daarmee had Stokvis zich tot een conglomeraat ontwikkeld. Voor mechanica en motortechniek had Stokvis inmiddels ruim voldoende expertise in huis. Voor elektronica echter was men nog steeds afhankelijk van externe bedrijven.

 

Na de oorlog nam Philips de fabriek over, en werd de naam gewijzigd in Philips Telecommunicatie Industrie (PTI). Klanten voor zenders waren er in de hele wereld, zoals Indonesië, Spanje, en het Vaticaan. In de vestiging Huizen, werd radarapparatuur en militaire communicatieapparatuur ontwikkeld. Terwijl de groei sterk doorzette en er tevens telefonieproducten zoals openbare en huis- en bedrijfscentrales (UR- en UV-systemen) en telexcentrales (DS-714) werden ontwikkeld. De eerste computergestuurde openbare centrale was de PRX-A, met een schakelnetwerk bestaande uit het reed-contact. Deze centrale werd een groot succes. Voor bedrijfstelefonie werden op basis van de PRX-techniek de EBX800-, en EBX8000-centrales ontwikkeld.
In de jaren 70 ging het bergafwaarts met de fabriek, die intussen ook een grote nevenvestiging in Huizen had gekregen. De laboratoria ontwikkelden steeds meer complexe apparatuur. De R&D-kosten werden echter steeds hoger waardoor Philips in 1983 een joint venture met AT&T aanging voor het ontwikkelen van volledig digitale centrales voor het openbare net en transmissieapparatuur, wat later de naam Lucent Technologies kreeg. De grote digitale telefooncentrale ‘5ESS’ van AT&T werd de basis voor verdere ontwikkelingen. Huis- en bedrijfstelefonie bleven in handen van Philips, wat nu de joint venture NEC Philips is. De afbouw van PTI was mede het gevolg dat Philips zich wilde concentreren op kernactiviteiten; openbare telefonie, transmissie en grote zenders vielen daar niet onder.
De oude bakstenen fabriek in Hilversum met zijn karakteristieke schoorsteen werd afgebroken, en in de plaats ervan kwam een winkelcentrum met woningen. De nieuwe fabriek in Huizen staat goeddeels leeg.